door Henk Druivenop
De titel is provocerend, want strikt genomen is het moeilijk te bewijzen dat iets níet bestaat. Toch wil ik laten zien dat het bestaan van donkere materie onwaarschijnlijk is, en dat het concept steeds meer begint te lijken op een moderne variant van de epicykels uit de oudheid: een kunstgreep om een wankelend model overeind te houden.
1. Waarom donkere materie werd bedacht
Donkere materie werd geïntroduceerd om een probleem op te lossen:
Sterren in de buitenste delen van spiraalstelsels bewegen veel sneller dan verklaard kan worden uit de zichtbare massa.
Volgens de zwaartekrachtwetten zouden deze sterren uit het stelsel moeten worden geslingerd. Dat gebeurt niet.
Dus werd geconcludeerd dat er een enorme hoeveelheid onzichtbare massa aanwezig moet zijn.
Een klein deel daarvan kan bestaan uit:
- uitgedoofde dwergsterren,
- kleine zwarte gaten,
- koele gaswolken,
- of andere gewone materie.
Maar het grootste deel zou moeten bestaan uit volledig onzichtbare, onbekende deeltjes.
En daar begint het te wringen.
2. Donkere materie lijkt op de epicykels van vroeger
In de tijd van Ptolemaeus geloofde men dat planeten perfecte cirkels rond de aarde maakten.
Toen bleek dat hun bewegingen niet klopten, werden epicykels bedacht: cirkels op cirkels, om de fouten te corrigeren.
Het werkte — maar het was een kunstmatig systeem dat een fout model maskeerde.
Donkere materie vervult vandaag dezelfde rol:
- het corrigeert afwijkingen,
- het maakt het model passend,
- maar het verklaart niets fundamenteels.
3. Grote problemen met donkere materie
(1) We weten niet wat het is
Na tientallen jaren onderzoek is er geen enkel deeltje van donkere materie gevonden.
Volgens de standaardkosmologie bestaat het heelal uit:
- 72% donkere energie
- 24% donkere materie
- 4% gewone materie
- waarvan slechts 1% zichtbaar is
Dat betekent dat 96% van het heelal bestaat uit iets dat we niet kunnen detecteren.
(2) Elliptische sterrenstelsels bevatten nauwelijks donkere materie
In 2003 werd vastgesteld dat sommige elliptische stelsels bijna geen donkere materie bevatten.
Waarom zou donkere materie wel in spiraalstelsels zitten, maar niet in elliptische?
(3) Donkere materie is niet meetbaar in ons zonnestelsel
Als de Melkweg voor een groot deel uit donkere materie bestaat, zou dat effect merkbaar moeten zijn op de banen van de planeten.
Twee Russische astronomen, Pitjev en Pitjeva, analyseerden 677.000 nauwkeurige positie‑metingen van planeten sinds 1910.
Hun conclusie:
Er is geen enkel meetbaar effect van donkere materie in het zonnestelsel.
(4) Alle detectie‑experimenten zijn mislukt
Ondergrondse detectoren, cryogene experimenten, nano‑explosieven, LUX, SuperCDMS — allemaal zoeken ze naar donkere materie.
Tot nu toe:
Geen enkel experiment heeft ook maar één deeltje gevonden.
4. Waarom zou donkere materie wél bestaan in spiraalstelsels, maar niet in elliptische?
Dit is een van de grootste onopgeloste vragen.
- Waarom zou donkere materie zich ophopen in spiraalstelsels,
- verdwijnen in elliptische stelsels,
- overvloedig aanwezig zijn in de Melkweg,
- maar volledig onmeetbaar zijn in ons zonnestelsel?
Het model wordt steeds complexer, maar niet overtuigender.
5. Alternatieve verklaringen winnen terrein
Steeds meer natuurkundigen twijfelen aan donkere materie.
Erik Verlinde (UvA)
Verlinde publiceerde een alternatieve zwaartekrachttheorie waarin donkere materie helemaal niet nodig is.
Volgens hem berust de zoektocht naar donkere materie op een misverstand.
Andere ideeën
Sommige onderzoekers denken dat donkere materie bestaat uit:
- “macro’s”: superzware kogels van millimeter‑ tot meterformaat
- exotische objecten in plaats van elementaire deeltjes
Maar ook deze ideeën zijn speculatief en onbewezen.
6. Conclusie
Donkere materie werd bedacht om een probleem op te lossen, maar:
- het is nooit gedetecteerd,
- het verklaart niet waarom sommige stelsels het niet hebben,
- het is niet meetbaar in ons zonnestelsel,
- en het maakt het kosmologische model steeds kunstmatiger.
Net als de epicykels van vroeger is donkere materie waarschijnlijk een symptoom van een fout model — niet de oplossing.
Het is tijd om te zoeken naar een fundamenteler alternatief.